Startpagina ToepassingPrinter P: Importeren naar de image controller

Printer P: Importeren naar de image controller

U kunt een printerprofiel van [Lok.], [Mijn documenten] of [Netwerk] registreren in [Controller].

  1. Klik op [Printerprofiel] op het scherm [Profielbeheer].

    • Een gelijkaardige bediening is mogelijk door op het menu [Bestand] [Profieltype] en [Printerprofiel] te selecteren.

  2. Selecteer de plaatsen uit [Lok.], [Mijn documenten] of [Netwerk] uit de boomstructuur waar het Printerprofiel bewaard wordt.

    Naargelang de selectie verschijnt de lijst.

  3. Selecteer een printerprofiel uit de lijst.

  4. Klik op [Importeren].

    Het scherm [Importeren] wordt weergegeven.

    • Wanneer u meerdere printerprofielen selecteert, is [Exporteren] niet beschikbaar.

    • Wanneer een andere map dan [Controller] geselecteerd is in de boomstructuur, is [Importeren] niet beschikbaar.

    • Een gelijkaardige bediening kan worden uitgevoerd door het menu [Bestand] - [Importeren] te selecteren.

  5. Klik op [Opgeslagen naam].
    Tot 31 tekens met één byte kunnen gebruikt worden.

    • U kunt geen printerprofiel bewaren met dezelfde naam als in de image controller.

  6. Selecteer [Koppeling papiertype].

  7. Vul zo nodig [Memo] in.
    Tot 64 alfanumerieke tekens en symbolen kunnen worden ingevoerd.

  8. Klik op [Importeren].

    Het printerprofiel is geregistreerd in de image controller.

    Het scherm [Importeren] wordt gesloten om terug te keren naar het scherm [Profielbeheer].